5 tips om je goed voor te bereiden op je wandelingen

Jezelf goed voorbereiden op je wandeling helpt. In dit verhaal geven we je 5 tips.

Wandelgroep van de Nationale Wandeluitdaging

Als je gaat bewegen moet je goed voor jezelf zorgen. Jezelf goed voorbereiden op je wandeling helpt. In dit verhaal geven we je 5 tips.

1. Bedenk een doel

Een doel is iets waar je naar toe kunt werken. Het helpt om bewust stil te staan bij het doel. Zodat je hieraan kunt denken als het moeilijk wordt. Beantwoord voor jezelf de vraag: waarom doe ik mee met de Nationale Wandeluitdaging?

Voor de een zal dit zijn: 2 kilometer achter elkaar kunnen wandelen. Voor de ander is dit nieuwe mensen ontmoeten. En weer iemand anders wil misschien 5 kilo gewicht verliezen. Het doel is voor iedereen anders.

Schrijf je doel op. Hoe duidelijker je doel, hoe beter. Of verwerk het in iets creatiefs zoals een tekening. Geef je doel een zichtbare plek. Op je koelkast. Of toilet. Of in je portemonnee.  Zodat je er steeds opnieuw aan herinnerd wordt.

2. Goede schoenen, sokken en kleding

Het is goed om de schoenen die je wilt gaan dragen, de komende dagen te testen. Bijvoorbeeld als je naar de supermarkt gaat. Of de hond uitlaat. Zitten je schoenen fijn? Zijn de veters en zolen nog heel? Zijn de sokken die je wilt dragen schoon, zodat je die aankunt?

Leg ook alvast de kleding klaar die je wilt gaan dragen. Je hoeft geen sportkleding te dragen. Maar zorg er wel voor dat je makkelijk beweegt in je kleding. Dus dat er niets knelt of schuurt. Verschillende laagjes kleding zijn daarbij fijn. Zodat je gemakkelijk een jas, vest of shirtje kunt uittrekken. Of juist kunt aantrekken na afloop.

3. Waterfles en iets te eten mee

Het is belangrijk om water te drinken tijdens het wandelen. Te weinig water heeft namelijk invloed op je bloedsuikerspiegel. Dus neem een fles met water mee. En ook wat fruit. Bijvoorbeeld een banaan. Of appel. Dit zijn gezonde en snelle suiker en vezels die helpen tegen een eventuele suikerdip.

4. Oefen alvast een beetje

Misschien kun je kijken of je al een beetje kunt wennen aan het bewegen. Bijvoorbeeld: stel je loopt altijd een klein eindje naar de supermarkt. Kijk dan of je een klein ommetje extra kunt maken. Of in plaats van thuis af te spreken met iemand, juist in een park af te spreken. Of doe eens mee met Nederland in Beweging op tv. Dit is van maandag t/m vrijdag op NPO2 om 9.15 uur en op NPO1 om 10.15 uur op tv.

5. Weet dat ongemak er bij hoort

Tijdens het wandelen ga je merken dat er dingen in je lichaam gebeuren. Misschien krijg je pijn in je spieren. Of een blaar op je voet.  Of merk je dat je veel zweet. Of voel je je juist heel fijn door alle geluksstofjes die vrijkomen.

Alle dingen die er in je lijf gebeuren zijn heel normaal. Dat maakt ze niet gelijk fijn. Maar weten dat het erbij hoort geeft rust. Want prettige én ongemakkelijke dingen horen namelijk allebei bij iets nieuws uitproberen. En zodra het wandelen wat meer in je routine zit, merk je dat het ongemak minder wordt.

Vragen?

Heb je een vraag over de voorbereiding? Of ben je ergens onzeker over? Bel of mail je wandelbegeleider of stel je vraag tijdens de wandelingen. Hij of zij helpt je graag.