Blog
Soms krijg ik de vraag waar ik het meest trots op ben als ik terugkijk op twi...
Hugo is zestien jaar, woont in Nootdorp en staat al op de ski’s sinds hij drie jaar oud was. Waar skiën voor veel kinderen begint als een leuke wintersportvakantie, groeide het voor Hugo uit tot een serieuze topsportambitie. En dat terwijl hij leeft met type 1 diabetes. “In het begin was het wennen” zegt Hugo nuchter, “maar nu zit het zo in mijn systeem dat ik er bijna geen last meer van heb.”
Datum
Friday 13 February 2026
Leestijd
5 minuten
Hugo kwam via zijn ouders al jong in aanraking met skiën. Rond zijn achtste begon hij zelf kleine wedstrijdjes te doen aan het einde van de skilessen. “Dat vond ik fantastisch”, vertelt hij. “Je ging ergens naartoe werken tijdens de les.” Toen hij elf was wist hij het zeker: dit wilde hij serieuzer aanpakken. Zijn carrière in het alpineskiën begon bij Snowsports Academy Racing . Hugo traint en skiet op verschillende locaties in Oostenrijk zoals Kaprun, Reiteralm, Saalbach-Hinterglemm en Maria Alm. De omstandigheden daar zijn totaal anders dan in Nederland. “De sneeuw hier is uiteraard anders dan in de skihallen in Nederland en de pistes zijn steiler. Dat vraagt veel meer techniek en focus.”
Zijn kracht ligt bij de slalom en reuzenslalom. Slalom is het meest technische onderdeel met snelheden van professionals rond de 60 à 70 kilometer per uur. Bij de reuzenslalom loopt dat op tot 70 à 80 kilometer per uur en bij Super-G zelfs tot boven de 100. “Op de Super-G ligt momenteel niet mijn focus.” legt Hugo uit. “Dat komt pas later.”

Op 24 september 2018 kreeg Hugo de diagnose type 1 diabetes. Het was de dag voordat hij negen jaar werd. “Ik weet nog wat flarden.” zegt Hugo. “De dag ervoor had ik mijn kinderfeestje gevierd. Ik voelde me niet lekker, was snel boos en huilde veel. De volgende dag gingen we naar de huisarts en toen werd het snel duidelijk.”
De boodschap dat diabetes niet meer weggaat, kwam voor Hugo en zijn ouders hard aan. Sport was meteen een van de eerste zorgen omdat Hugo altijd extreem sportief is geweest. “De verpleegkundige noemde gelukkig meteen de Bas van de Goor Foundation toen we de vraag stelden of Hugo nog wel kon blijven sporten.” vertelt zijn moeder.
Het antwoord bleek gelukkig ‘ja’. Sporten blijft mogelijk maar het vraagt wel wat aanpassingen. Hugo kreeg al vlug een insulinepomp en sensor. Zijn sportleven ging verder, eerst in SnowWorld in Nederland, later met trainingsweken in Oostenrijk met Snowsports Academy Racing. De kou bleek geen probleem ondanks dat temperatuur één van de 42 factoren zijn die invloed hebben op bloedglucosewaarden. “Ik merk geen effect van kou op mijn glucose, wel van warmte,” zegt Hugo. Zijn pomp draagt hij onder zijn skipak om de insuline warm te houden.
Op de piste is zijn diabetesmanagement strak georganiseerd. “Bij het ontbijt moet ik al rekening houden met wat er die dag gaat gebeuren,” legt hij uit. “Ik geef niet mijn volledige bolus, zodat mijn glucose wat hoger zit. Anders kan ik niet doorskiën.” Sinds dit jaar zet hij zijn pomp pas op sportstand als hij daadwerkelijk op de piste staat en tijdens de lunch gebruikt hij vaak minimale insuline. Zijn lage alarm staat op 4,6 mmol/l, zodat hij een hypo vroeg voelt aankomen. “Dan neem ik dextro en kan ik meestal doorskiën. Onder de 3,5 mmol/l stop ik echt. Dat stoppen is frustrerend. Dan sta ik bovenaan bij de start, helemaal klaar en dan kan je niet starten. Je moet wachten in de kou en je energie is weg. Met een lage waarde haal je de slalommen gewoon niet.”
Foto: Dit is een jonge Hugo tijdens zijn eerste slalomwedstrijd in Snowworld Zoetermeer
Hugo combineert zijn sport met 5 havo op Dalton College Voorburg. Zijn dagen tijdens trainingsweken in Oostenrijk zijn strak gepland. Om zeven uur ontbijt hij. De ski’s zijn de avond ervoor al geslepen en gewaxt. Om half negen staat hij op de piste. Eerst rustig inskiën, daarna de slalom verkennen en tussen de 10 en 12 runs volgen. Na de lunch op de piste rijden ze terug en daarna is er conditietraining. Van vier tot zes is er een vast huiswerkblok waar Hugo aan zijn studie werkt. Daarna slijpt en waxt Hugo zijn ski’s voor de volgende dag. “Het is intens, maar ik doe elke dag wat ik het liefste doe.”
Tijdens trainingsweken slaapt Hugo intern met zijn team in één huis. “Ik vind het fijn. Je zit helemaal in de focus met mensen die hetzelfde doel hebben.” Vanaf zijn veertiende verbleef hij al weken achter elkaar in Oostenrijk, ieder jaar iets langer. “Je leert heel snel zelfstandig worden.”
Die zelfstandigheid was ook nodig vanwege zijn diabetes. Waar zijn ouders hem thuis vaak herinnerden aan meten en handelen, moest hij het in Oostenrijk zelf doen. “Dan zie je ineens dat je het ook gewoon kan.” Zegt Hugo.
Zijn moeder herinnert zich nog hoe spannend dat was. “Loslaten met diabetes is echt een uitdaging.” Toen zag ze hoe Hugo groeide. Hij leerde zelfs zelfstandig zijn sensor te vervangen, iets waar hij eerst geen fan van was. “Zijn skivrienden hielpen hem daarbij. Dat vond ik zó mooi.” Hugo lacht: “Mijn vrienden zeiden tegen me: Als je met 100 kilometer per uur de piste af durft, durf je ook wel een sensor te zetten.”

Foto: Recente foto van Hugo tijdens een wedstrijd in Oostenrijk
Hugo’s droomdoel is duidelijk: de World Cup bereiken. Dit seizoen wil hij goede FIS-punten behalen en stappen maken op de wereldranglijst. “Beter worden, meer trainen, steeds een stapje verder.” Hij houdt een schriftje bij waarin hij doelen opschrijft. Technisch verbeteren, meer letten op voeding en sponsors vinden om het skiën mogelijk te blijven maken. “Geen A-frame.” Zegt hij lachend. “Dat betekent dat je knieën naar elkaar toe knijpen. Dat wil je niet.”
Diabetes hoort bij Hugo’s leven, maar dat houdt hem niet tegen. “Je moet blijven doen wat je wilt doen, ondanks je diabetes,” zegt hij vastberaden. “In mijn ogen kun je alle sporten doen. In het begin moet je leren omgaan met je diabetes, maar nu merk ik er bijna niks meer van. Het zit gewoon in mijn systeem.” En die ervaring neemt hij voor de rest van zijn leven mee.