Voeding
Heb je een vraag? Stel hem nu
Home / Diabetes / Zelfmanagement / Voeding

Voeding

Wendy Janssen: 'Insulinedosering, sporten en eten zou een drie-eenheid moeten zijn'

Wendy Janssen-Burg is reeds dertig jaar diëtist en was tussentijds vijftien jaar werkzaam op een diabetespolikliniek. ,,In die periode ben ik me steeds meer gaan verdiepen in Sporten en Voeding, in relatie tot diabetes.” Sinds enkele jaren is zij lid van het medisch panel van de Bas van de Goor Foundation, waarvoor zij reeds menig vraag van een sporter met diabetes beantwoordde. Haar expertise deelde zij ook al tijdens talloze lezingen met professionals en mensen met diabetes mellitus.

,,Wanneer iemand meer in beweging komt, verbruiken spieren meer energie en halen ze glucose uit het bloed”, legt zij uit. ,,De bloedglucosewaarde daalt dan normaal gesproken. Wanneer je geen diabetes hebt, gaat de alvleesklier veel minder insuline aanmaken. Daarom is het zaak om vooraf goed na te denken hoe je je bloedglucosegehalte voldoende hoog kunt houden. Gelukkig weten mensen met diabetes voorafgaand aan het sporten zich steeds beter te finetunen qua insuline, zodat ze tijdens of na het sporten niet meer verrast worden door een flinke hypo.”

Wendy_Janssen_dietiste_diabetes_sportiefmetdiabetes_BvdGF

,,Ik ben een groot voorstander van zelfmanagement: het is een bewustwordingsproces dat begint met enkele vragen: welke sport ga je beoefenen, hoe lang ga je sporten, hoe lang is het geleden dat je hebt gegeten en hoe goed ben je getraind? Als je bewust je maaltijdinsuline verlaagt, moet je niet schrikken wanneer je voor het sporten een hogere bloedglucosewaarde meet. Je weet dat je daarvoor gekozen hebt, waardoor je bloedglucose minder snel gaat dalen en je tijdens het sporten minder hoeft te eten. Indien je langer dan een uur sport heb je vaak behoefte aan snelle koolhydraten en voor erna zijn de langzamere koolhydraten ook belangrijk.”

,,Die insulinedosering, het sporten en eten, dat moet een drie-eenheid zijn, alles dient goed te worden afgestemd door te meten en vooral te weten wát je meet. Tijdens de training kun je al een goed beeld krijgen van de reactie van het lichaam op de inspanning en belangrijk is ook hoe je je de dag erna voelt. Als dat bijgehouden wordt, weet je hoeveel insuline en koolhydraten er nodig zijn. Het is allemaal aan te leren en vooral een kwestie van jezelf er in verdiepen. Mensen reageren regelmatig bij een sportieve hypo dat het innemen van een druivesuikertje alles weer op pijl brengt, maar is dat ook wel zo als je nog wilt blijven sporten?”

,,Degene die geen schema bijhoudt, is eigenlijk aan het gokken. Je kunt dan tijdens het sporten verrast worden door te snel dalende of stijgende bloedglucoses. Hierdoor kun je je eerder beroerd voelen of minder goed herstellen.. Als je weinig zelfmanagement toepast, is je HbA1c-waarde niet zo mooi als je dacht dat-ie zou zijn en als je eigenlijk zou verdienen met alle gedane sportinspanning.” Wendy ‘doceerde’ enkele jaren tijdens sportweekeindes voor mensen met diabetes en prikte dan zelf ook. ,,Qua kennis van de combinatie voeding & sport in relatie tot diabetes bleken velen dan nog veel nieuwe kennis op te doen en meteen te kunnen toepassen. Dat zijn intensieve weekeindes, maar je kunt er de rest van de week op teren als mensen inzicht hebben gekregen en zich daardoor veel prettiger voelen. Ook zij hebben dan de rest van de week profijt van het sporten.”

,,Je moet voldoende drinken, maar let wel op wát je drinkt. Energiedrankjes zijn calorieën bommen die het lichaam tijdens het sporten juist niet kan gebruiken. En het is de vraag of je zoveel calorieën na het sporten wel nodig hebt. Je wilt toch niet dik worden van sporten? Beter is om isotone-drankjes tot je te nemen als je langer dan een uur gaat sporten of wanneer je bloedglucosewaarde eigenlijk aan de lage kant is. Minder koolhydraten, maar ze worden wel snel door het lichaam opgenomen. Bij duursporten (wandelen, fietsen, joggen, hardlopen enz.) en teamsporten is het vooral belangrijk dat je na het sporten, binnen twee uur, voldoende koolhydraten tot je neemt om de voorraad in je spieren weer aan te vullen. Dit kun je doen door een glas sap, melkdrank en/of fruit, boterham of iets lekkers te nemen. Door middel van zelfcontrole kun je monitoren hoeveel je hiervan moet gebruiken.”

,,Wanneer je gaat sporten en je meet een te lage bloedglucose dan is het zaak om die eerst te corrigeren. Op een hele snelle manier is dit met druivensuiker, maar hoe lang kun je met deze hoeveelheid koolhydraten sporten? Waarom was je bloedglucose zo laag? Wanneer je iets eet voor het sporten, dan moet je je bedenken dat dat eten ook nog verteerd moet worden. Dit kan wel 1-1,5 uren duren voordat bloedglucose hoger is geworden. Dranken passeren de maag iets sneller dan vaste voeding. Sappen, smoothies en/of melkproducten kunnen daarom je bloedglucose wat sneller verhogen. Ook hier geldt weer: meten is weten en stel je ervaringen op schrift en leer ervan. Eten tijdens het sporten is mogelijk, maar afhankelijk van de snelheid van de maagontlediging kan je bloedglucose verrassende waarden aannemen. Isotone dorstlessers passeren de maag wel goed. Bij krachtsporten is het afhankelijk van de duur van de training en het aantal herhalingen wat je bloedglucose hierop doet. Voldoende eiwit in je dagelijkse voeding is belangrijk voor de spieropbouw.”

Foto’s

1 foto

Ben je geïnteresseerd in de rol die hulpmiddelen spelen op een leven met diabetes? Lees dan hier het ervaringsverhaal van Lydia Mossel.

Zelfmanagement:
Wat is diabetes?
Sport
Voeding
Hulpmiddelen
Aan de slag!