
Vandaag mogen Hanneke en Astrid hun ervaringen delen op de website. Hanneke en Astrid heten tegenwoordig in de Marokkaanse volksmond ook wel Jut en Jul. Samen hingen zij vandaag achter de kuiten van Marion. Dat klinkt raar, maar da’s de enige mogelijkheid om heelhuids te stijgen naar 3600 meter.

Marion geeft het tempo aan – en da’s héél langzaam – en Jut en Jul hobbelen er hijgend en puffend achteraan. Gisteren deden zij hetzelfde kunstje achter de kuiten van Eelco. En omdat je na een uurtje of vier dezelfde kuiten hebt aanschouwd, vroegen we Eelco na te denken over een inspirerende tekst. En dat deed-ie: dus liep Marion vandaag op haar rechterkuit met de tekst ‘alleen links passeren’ en links met een stopbord en de tekst ‘het gaat goed!’ En goed ging het! Om 13.00 uur stonden we allemaal op de top! De snelle groep haalt ons ‘binnen’ met gejuich, knuffels en felicitaties. Apetrots waren we natuurlijk. Het was een flinke klim, waaraan we ’s morgens om 6.30 uur al waren begonnen. Supersteile stukken hebben we overwonnen. “Gewoon een kwestie van niet naar beneden kijken en vooral doorgaan”, zegt Hanneke.

Onderweg maakten we nog een drama mee: één van de muildieren gleed weg en viel om. Razendsnel schoten de dragers te hulp om het dier weer overeind te krijgen. En dat valt niet mee op zo’n steil stuk berg.

Naast het stijgen en dalen op de berg en het onderweg picknicken, bestaat er nog een fenomeen dat ons het klimmen vergemakkelijkt: de turbo noisettes van onze gidsen. Elke pauze komen ze langs met een zak Marokkaanse studentenhaver. Die is superlekker en geeft je weer energie voor het volgende deel van de tocht. Vooral de gesuikerde nootjes, de amandeltjes en de gedroogde vijgen en dadels zijn favoriet.

Na het bereiken van de top startten we de afdaling naar 3200 meter. Halverwege hadden de dragers onze eettent opgezet en voor ons gekookt. Het was voor de groep de laatste keer dat we onze lunch (salade van tomaat, komkommer, mais, paprika en ui en pasta en witte bonen) geserveerd kregen in de tent. Vanaf vanavond verblijven we drie nachten in de Refuge de Toubkal. Hoera, weer een echte douche en een echt toilet (met pot). Wat een luxe!
